V6 in Rotterdam

Laatst aangepast op 11 januari 2019

V6 in Rotterdam

Woensdag 19 december is V6 op excursie geweest naar Rotterdam. De bus zette ons af bij Rotterdam Centraal, waarvandaan wij gelopen zijn naar enkele bezienswaardigheden, zoals het oude Raadhuis, de Sint-Laurenskerk, de beroemde Markthal, de kubuswoninkjes en de oude haven.

Dit alles onder de bezielende leiding van de ‘gooserts’ Mart van der Hiele en Gertram Schaeffer (vanaf die bewuste woensdag bijgenaamd ‘Gerbus’). Daarbij werden wij geflankeerd door ‘wijffie’ Helen van Well. Die titulatuur werd ons verleend door Evelien – ja, gewoon Evelien – van Maasstad Events, die onze bus besteeg achter de Markthal.

Met veel verve en in bijzonder plat Rotterdams accent werd ons de stad Rotterdam geïntroduceerd. Het was vooral opvallend dat veel hoogstaands en wereldberoemds in de stad zeer nuchter door Evelien op typisch Rotterdamse wijze werd gerelativeerd. Zo staat de Markthal, met daarin een 11.000 m² groot schilderij, bekend als ‘de Sixtijnse Kapel’ en trekt miljoenen bezoekers per jaar. Maar Rotterdammers blijken de hal te mijden vanwege alle toeristen en omdat je vanuit de Markthal kijkend een gebouw ontwaart dat wel enige gelijkenis vertoont met een potlood, is door hen de Markthal omgedoopt in ‘de Puntenslijpert’. Een groot gebouw met ronde toren en rechthoekige iets lagere toren daarachter (direct naast Hotel New York) wordt ‘de Aanstekert’ genoemd. En een bruggetje dat Katendrecht met de Kop van Zuid verbindt, volgehangen met de ook van elders bekende slotjes om liefdes te vereeuwigen, heet ‘de Hoerenloopert’. In een kleine zaal waar een grote maquette van Rotterdam stond mocht Thom Peeters de ondergaande zon symboliseren die dit lieflijke tafereeltje mooi deed uitkomen.

Overigens was veel van wat ons werd verteld minder platvloers (en humoristisch) als nu de indruk misschien is. Het viel ons ‘wijffie’ op dat Evelien soms aanmerkelijk minder plat en volks sprak dan meestal. Bij navraag bleek dat bewust zo te zijn. Daar waar stil gestaan werd bij de verwoestingen tijdens het bombardement van 14 mei 1940 en daarna sprak onze Evelien aanmerkelijk ingetogener. Wat een trots op die stad klonk in deze overigens wat afwijkende Rotterdamse – Sparta-fan in een Feijenoord-wijk – gids door op haar stad, door ons in Zetten omgedoopt in ‘Patriotterdam’. Voordat de leerlingen de stad in konden voor vrije tijd werd hen nog door Evelien geleerd voortaan als wij ‘gooserts’ en ‘wijffie’ het woord zouden nemen, de armen over elkaar te slaan, het hoofd enigszins schuin te houden en te zeggen: “Soooo, ja jôh? Is dat êêêg waar?” Hoe gezagsondermijnend dat zal werken, moge de toekomst uitwijzen – maar ik heb zo het gevoel dat dit met een sisser aflopen zal.

Goosert Gerbus (beter bekend als Gertram Schaeffer)